Mensen met een lagere sociaaleconomische status hebben een aanzienlijk grotere kans om te overlijden nadat ze op een intensive care zijn opgenomen. Dat blijkt uit grootschalig onderzoek van Amsterdam UMC en Maastricht UMC+, waarbij meer dan een half miljoen Nederlandse IC-opnames zijn onderzocht.
Van de IC-patiënten uit de 20 procent laagste sociaaleconomische groep overleed 16,8 procent in het ziekenhuis. Bij patiënten uit de 20 procent hoogste groep was dat 7,9 procent. Ook na correctie voor onder meer leeftijd, geslacht, de ernst van de ziekte en chronische aandoeningen bleef de kans op overlijden voor de laagste sociaaleconomische groep 1,6 keer zo groot.
Arme mensen vaker en ernstiger ziek
Voor deze regio is het onderzoek relevant omdat inwoners van Parkstad gemiddeld een lagere sociaaleconomische status dan inwoners van veel andere delen van Nederland. De onderzoekers zien bovendien dat Limburgse IC's relatief veel patiënten behandelen met een lagere sociaaleconomische status.
Mensen met een lagere sociaaleconomische status zijn gemiddeld vaker en ernstiger ziek en hebben vaker te maken met chronische aandoeningen. Ook worden zij relatief vaker acuut en niet-operatief opgenomen op de IC.
Eerder signaleren is nodig
De onderzoekers benadrukken daarom dat het verkleinen van gezondheidsverschillen al vóór een eventuele ziekenhuisopname moet beginnen. Vroegtijdige ondersteuning en het voorkomen of beter behandelen van chronische aandoeningen kunnen daarbij een belangrijke rol spelen.
Voor het onderzoek zijn gegevens van ruim een half miljoen IC-opnames uit de periode 2014 tot en met 2022 onderzocht. De onderzoekers koppelden gegevens uit de landelijke IC-registratie aan sociaaleconomische gegevens van het CBS.